Het historisch Radioactief Afval Project

Sinds de ingebruikname van de Hoge Flux Reactor (HFR) en de Lage Flux Reactor (LFR) in Petten, ruim vijftig jaar geleden, is er radioactief afval gevormd. Dit afval, niet alleen uit Petten maar uit heel Nederland (bijvoorbeeld uit ziekenhuizen), wordt reeds jarenlang opgeslagen op het onderzoeksterrein van ECN/NRG in de speciaal daarvoor ingerichte opslagfaciliteit Waste Storage Facility (WSF). Deze opslag voor radioactief vast afval wordt in de volksmond ook wel pluggenloods genoemd.

Vanaf 1984 stelt de overheid in de ‘Nota Radioactief Afval’ dat al het in Nederland geproduceerde afval  door een centrale organisatie wordt ingezameld, verwerkt en opgeslagen. De Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (COVRA) is met dit doel opgericht. Tot begin jaren negentig is de COVRA in Petten gevestigd, en geldt de WSF als ‘nationale opslagfaciliteit’. Daarna verhuist de COVRA naar Nieuwdorp (Zeeland). 

Verhuizing COVRA
Vanaf dat moment wordt niet alleen al het ‘operationele’ afval uit Nederland in Zeeland opgeslagen, maar ook het zogenaamde historisch afval uit Petten. In november 1991 vindt het eerste transport plaats. Dit is de start van vele transporten, want in de twee jaar daarop worden honderden vaten ‘low level’ laag- en middelactief historisch afval overgebracht. 

Wat nu nog in de WSF is opgeslagen, is middel- en hoogradioactief en splijtstofhoudende historisch afval (circa 1700 vaten) en operationeel afval dat zal worden afgevoerd als het voldoende vervallen is. Het is de bedoeling dit afval uit Petten te verplaatsen zodra de COVRA daar een speciale faciliteit voor gereed heeft. In september 2003 is dit het geval. Het Hoogactief Afval Behandelings- en Opslag Gebouw (HABOG) bij COVRA wordt geopend. Bij NRG start het Radioactief Afval Project, oftewel RAP.  

De noodzaak tot ‘herverpakken’
Het RAP-project wijst al snel uit dat de vaten uit de WSF niet voldoen aan de verpakkingseisen die COVRA aan langdurige opslag stelt. Het afval uit Petten stamt namelijk uit een tijd dat allerlei materialen en onderdelen van verschillende stralingsniveaus bij elkaar werden opgeslagen. Sorteren, opnieuw verpakken en conditioneren is daarom noodzakelijk. Maar noch de COVRA, noch NRG beschikt over geschikte instrumenten en faciliteiten hiervoor. 

Het RAP-project bestaat uit de volgende elementen: 

  • Het ontwikkelen van apparatuur (voor sorteren, scheiden en verpakken) om transport en opslag mogelijk te maken. 
  • Het aanpassen van bestaande laboratoria in Petten om het project veilig en verantwoord uit te voeren. 
  • Het verzorgen van veilig transport, in speciaal daarvoor ontwikkelde en gecertificeerde containers. Het zogenaamde ‘Intermediate Level’ afval wordt in het buitenland gecementeerd en gecompacteerd om uiteindelijk geschikt te zijn voor opslag in de HABOG.  


De operatie is samengevat in het stappenplan.